collectie
54,5 cm x 71,8 cm
1902-V

Rond de eeuwwisseling realiseerde Jakob Smits een aantal piëta’s. Ze illustreren zijn christelijke geloofsovertuiging en getuigen van zijn verdriet om het overlijden van zijn echtgenote Malvina, in 1899. Deze religieuze werken zijn zowel in de iconografie als in de stilistische uitwerking geïnspireerd op de schilderkunst van de late Middeleeuwen. Het motief van de gestorven Christus omringd door zijn lijdende moeder en Maria Magdalena is een veel voorkomend onderwerp in de kunst van de Vlaamse Primitieven. In de aanbreng van de gouden achtergrond creëert Smits een gevoel van sacraliteit en versterkt hij de mystieke sfeer van stilte en vroomheid. Het gebruik van aquarel en gouache geeft het tafereel een gevoelsgeladen karakter.