collectie
olieverfschilderij: 76,7 cm x 83,5 cm
1902-H

De kruisdraging behoort tot het latere werk van Jheronimus Bosch. In deze intrigerende compositie, waarin het gevecht tussen goed en kwaad het centrale thema vormt, lijkt elk gevoel van ruimte weggelaten. Een dynamische massa van boosaardige tronies omstuwt het hoofd van Christus. Hoewel het werk in eerste instantie chaotisch lijkt, is de opbouw van het schilderij echter strikt opgevat: het hoofd van Christus ligt precies op de kruising van twee diagonalen. De balk van het kruis vormt de ene diagonaal, met links boven de figuur van Simon van Cyrene en rechts onder de slechte moordenaar. De andere diagonaal verbindt de afdruk van het gelaat van Christus op de zweetdoek van Veronica onderaan links met de goede moordenaar bovenaan rechts die wordt belaagd door een gemene kwakzalver of farizeeër en een boosaardige monnik. Met deze laatste alludeert Bosch op het godsdienstfanatisme van zijn tijd. De groteske koppen herinneren aan de maskers die gebruikt werden tijdens de passiespelen, maar ook aan de karikaturen van Leonardo da Vinci. Het zacht gemodelleerde gelaat van Christus daarentegen drukt sereniteit uit. Hij is de Lijdende, die, door iedereen verlaten, het kwade op de wereld overwint. Die voorstelling past volledig bij het gedachtegoed van de lekenbroederschappen, waartoe ook Bosch behoorde. Hoewel het auteurschap van het schilderij ter discussie staat, blijft dit schilderij ongetwijfeld een van de meest hallucinante scheppingen uit de Westerse kunstgeschiedenis.