collectie

Paul van Ostaijen schreef zijn dichtbundel Bezette stad tijdens de zomer van 1920. Gevlucht voor de repressie in 1918 verbleef de dichter toen in Berlijn. Hij kwam er in aanraking met een politiek-revolutionair klimaat, met de dadaïsten George Grosz en Raoul Hausmann en met de avant-garde rond het tijdschrift Der Sturm. Deze contacten hadden een grote invloed op zijn poëzie en zijn algehele denken. In Bezette stad deed Van Ostaijen de inval van de Duitse troepen in Antwerpen herleven. Vanuit een uitgesproken humanitaire instelling hekelde de dichter het nihilisme, het burgerlijke gezag en de morele hypocrisie. De omslag in Pruisisch blauw en de houtsneden zijn gerealiseerd door de beeldhouwer en graficus Oscar Jespers. Zijn ritmische, brutaal aandoende typografie en kubistische illustraties lezen als een aanklacht tegen oorlog en lijden.